Komitee Indonesië massaal ten grave gedragen

Op 7 november kwam in de kleine zaal van het Tropenmuseum een einde aan 32 jaar Komitee Indonesië. Ter gelegenheid van dit afscheid had de organisatie, die sinds 1968 het Soehartobewind kritisch heeft gevolgd, een speciaal laatste nummer uitgebracht van Indonesië Feiten en Meningen . Als eerbetoon aan de oprichter van het komitee, Wim Wertheim, werd het eerste exemplaar van het blad aangeboden aan een dochter van Wertheim. Het KI had ook gezorgd voor een aantal interessante sprekers en twee fora met ondermeer bekende figuren als de historicus en onderzoeker Jan Breman, de Papua-voormanVictor Kaisiepo, de mensenrechtenactivist Liem Soei Liong en Wim Manuhutu, directeur van het Moluks Historisch Museum.

George Aditjondro

De grootste belangstelling ging echter naar de Indonesiër George Aditjondro, die al jaren in alle hoeken van de wereld onderzoek doet naar de manier waarop Soeharto, zijn familie en vrienden zich op walgelijke wijze hebben verrijkt. Sinds kort heeft Aditjondro zijn pijlen gericht op de Dutch Connection . Het was hem opgevallen dat bijna alle firma's die in handen zijn van de Soeharto's en hun 'cronies' een dochterfirma hebben in Nederland. Aditjondro denkt dat dit te maken heeft met de gunstige aspecten die verbonden zijn aan het Nederlands-Indonesische belastingverdrag (om het heffen van dubbele belasting te voorkomen). 'Deze overeenkomst', aldus Aditjondro, 'maakt het mogelijk dat veel onwettig verworven geld via deze dochters en met behulp van een aantal Nederlandse banken kan worden witgewassen. Met het geld dat op deze wijze vrijkomt worden de Indonesische bedrijven die worden gerund door officieren in het leven gehouden. Dit betekent dat met behulp van in Nederland gevestigde financiële instellingen tijdens de Soeharto-periode, maar ook nu nog, met name in gebieden als Aceh, de Molukken en Papua, een repressie-apparaat in werd en wordt in stand gehouden. Immers het Indonesische overheidsbudget voorziet slechts in 20 % van het Indonesische defensiebudget'.Volgens spreker spelen hierbij ook tal van 'lege bv's' op de Nederlandse Antillen een rol. Aditjondro zei er geen enkele moeite mee te hebben om heel direct te spreken over 'bloedgeld'. Hij drong er bij de Nederlandse autoriteiten op aan deze kwesties te onderzoeken en vroeg Nederlandse mensenrechtenactivisten en parlementariërs voortdurend druk op de ketel te houden. Het toeval wilde dat begin november bekend is geworden dat de in Amsterdam gevestigde Indover Bank jarenlang zeer bedenkelijke transacties heeft gepleegd in opdracht van de Soeharto-familie, terwijl de Nederlandse Bank, die wettelijk de plicht heeft toe te zien op de activiteiten van alle in Nederland gevestigde banken, nooit heeft ingegrepen. Naar aanleiding van Aditjondo's betoog vestigde Jan Breman tijdens de forumdiscussie er nog eens de aandacht op dat Soeharto altijd het lievelingetje is geweest van de Wereldbank. Victor Kaisiepo belichtte de toenemende spanning in Papua (voorheen Irian Jaya). 'Onze leiders steunen', aldus Kaisepo, 'ondanks hun streven naar onafhanelijkheid, nog steeds heel openlijk het autonomiebeleid voor ons gebied van president Wahid. Deze directe lijn met de president is tot op heden het meest effectief gebleken om Indonesiche militairen op Papua, die het liefst alle Papua-leiders die naar afscheiding met Indonesië streven zouden willen doden of opsluiten, tot reden te brengen'.

Geroofde museumstukken

De schrijver Ewald van Vugt sprak over de compensatie die Nederland Indonesië nog steeds schuldig is voor de duizenden geroofde (kunst)voorwerpen die in het bezit zijn van Nederlandse musea en instituten. Hij zei realist genoeg te zijn in te zien dat deze openstaande rekening niet op korte termijn valt te vereffenen. 'Maar als die uit de koloniale tijd afkomstige museumstukken, waaronder afgehakte hoofden van opstandelingen, hier dan toch blijven, maak ze dan een onderdeel van aanschouwelijk geschiedenisonderwijs over wat onze voorvaders daar indertijd hebben uitgevreten', betoogde Van Vugt. Van Vugt, die al eerder kritische boeken heeft geschreven over de koloniale tijd, waaronder De Val van Bali , legt op het moment de laatste hand aan een boek over het Indonesische geroofde goed in Nederlandse bezit en de 'rekening die nog open staat'. Het Komitee Indonesië mag dan nu ter ziele zijn, er bestaan intussen tal van initiatieven om vanuit Nederland op andere wijze de democratische krachten in Indonesië te blijven steunen. Eén project waaraan al begonnen is, is een internet-documentatiecentrum. Daarin zijn inmiddels alle nummers van Indonesië Feiten en Meningen ondergebracht.