De vrede dichterbij?

Sinds mei van dit jaar waren in de Molukken wederom geweldsexplosies tussen christenen en moslims waarbij hele stadswijken en dorpen zijn afgebrand, tientallen mensen het leven lieten en weer duizenden mensen op de vlucht zijn geslagen. Bij de ongeregeldheden spelen de moslimstrijders of Laskar Jihad afkomstig van Java een cruciale rol. Nadat enkele duizenden Jihadstrijders in afgelopen mei op Ambon landden, riepen ze hun Ambonese geloofsgenoten op tot een ‘heilige oorlog’ ofwel ‘Jihad’. De Ambonese christenen moesten het veelal afleggen tegen de beter bewapende moslimsstrijders.

In juni kondigde de Indonesische president Wahid de civiele noodtoestand af voor Ambon en de andere Molukse eilanden. Tot nu toe heeft dit echter weinig verandering gebracht in de situatie. Sinds deze noodtoestand hebben moslimstrijders hun offensief tegen christelijke nederzettingen voortgezet. Begin juli richtte het offensief zich op de christendorpen aan de noordelijke oever van de Baai van Ambon. Huizen en kerken werden met brandbommen verwoest. De inwoners konden zich alleen in veiligheid brengen via de baai, zwemmend of met bootjes. Ook de campus van de openbare Pattimura-Universiteit werd in de as gelegd. Zesduizend inwoners uit onder andere de desa Waai vluchtten de bossen en de heuvels in. Een route over zee was afgesneden.

Half juli werd het offensief verplaatst naar Ambon-stad. Vanuit de islamitische wijk viel men de christenwijken aan. Ook hier werden verwoestingen aangericht, huizen met de grond gelijk gemaakt met als doel het vaste bolwerk van het christelijke leger te isoleren.

Hoofd van het provinciale Noodgezag -gouverneur Saleh Latuconsina- gaf op 19 juli bevel om de Laskar Jihad die hij ziet als de aanstichters van het jongste geweld, van Ambon te verwijderen. Tot nu toe is dat niet gebeurd.

Hoewel er tot en met het begin van augustus nog niet echt een einde is gekomen aan de gewelddadige botsingen tussen moslims en christenen op Ambon is er volgens de laatste berichten uit Indonesië een positieve kentering te bespeuren tussen de strijdende partijen. Molukse christenen en Molukse moslims zijn bereid om vrede met elkaar te sluiten, maar ze worden steeds geprovoceerd door een partij of partijen die van buiten komen.

De Indonesische Minister van Defensie Juwono en daarna ook gouverneur Saleh Latuconsina hebben reeds aangekondigd dat de overheid zal overgaan tot huisdoorzoekingen en razzia’s op Ambon. In een interview van gouverneur Latuconsina met een verslaggever van Tempo Interaktif (internet augustus 2000) verklaarde hij, dat op dit moment sluipschutters het grootste probleem vormen, omdat zij zowel op christenen als op moslims schieten en daardoor telkens opnieuw conflicten veroorzaken. Volgens Latuconsina werken deze sluipschutters voor een tot nu toe onbekend gebleven partij van buiten die belang heeft bij het laten voortduren van de ongeregeldheden op Ambon. In augustus kondigde hij aan dat het eiland Ambon tot september zal worden geïsoleerd. Deze isolering wordt ingesteld om de illegale invoer van wapens via passagierschepen te stoppen. "Ik ben gedwongen om het eiland Ambon af te sluiten van de gehele scheepvaart" zei Latuconsina.

Ook poogt hij - zelf moslim- de mensen voor te houden dat zij zich dienen te beheersen en niet moeten ingaan op provocaties door bepaalde groeperingen. Dat leiders van de religieuze gemeenschappen dit inzien en ernaar handelen blijkt uit het verslag van Tempo Interaktif d.d. 12 augustus 2000 naar aanleiding van een conflict over diefstal. Bij dit conflict lieten zes personen het leven en raakten vijftien anderen gewond. Het incident dat leidde tot het conflict handelde in het begin om een gestolen motorfiets dat het eigendom was van Tum, een moslim. De zogenaamde "witte groep" (van moslims) zegt dat dit was gedaan door de "rode groep" (van christenen). Uiteindelijk kon een botsing tussen de beide groepen niet uitblijven. Daarna beloofde de plaatselijke dominee Patinaya om de motorfiets te zoeken en terug te brengen. De volgende dag (12/8) overhandigde Patinaya de gestolen motor aan Mr. Laurens als vertegenwoordiger van het hoofd van het provinciale Noodgezag op het bureau van de Gouverneur van de Molukken. De motorfiets werd er vervolgens in ontvangst genomen door Malik Selang, een Islamitische notabele, die optrad als vertegenwoordiger van de "witte groep", om het terug te brengen naar de rechtmatige eigenaar. Volgens Patinaya werd de motorfiets gestolen als protest tegen het apparaat van leger en politie, omdat volgens de twee zegslieden leger en politie met opzet de moslims hun gang laat gaan bij het weghalen van de zinken daken en dakbedekking van de huizen van christenen die in Mardika Bawah wonen. Nu is de wijk Mardika inderdaad erg stil, omdat de christenen zijn weggetrokken en op de vlucht zijn geslagen. Patinaya en Malik Selang verklaarden voorts dat ze pogingen in het werk zullen stellen om de afzonderlijke groeperingen te doen beseffen niet langer met elkaar te vechten.

De conditie van de Ambonese vluchtelingen in de bergstreken van Ambon is zorgwekkend, omdat ze te weinig hulp in de vorm van voedsel (rijst) krijgen. Waardoor de vluchtelingen - vooral de kinderen onder hen - ondervoed dreigen te raken. Bovendien zijn de prijzen van de levensmiddelen sterk gestegen.

Het laatste, enigszins positief luidende bericht van h16 augustus uit Indonesië luidt dat de gouverneur van de Molukken met het hoofd van de regionale politie op deze dag (16/8) achtereenvolgens een dialoog zijn aangegaan met de groepering Laskar Jihad Alsunnah Wal Jama’ah (afkomstig van Java) en met de groep christenstrijders in de Molukken. Tijdens die gesprekken deelden vertegenwoordigers van de betrokken groeperingen aan het provinciale bestuur de voorwaarden mee waarop ze bereid zouden zijn om hun vijandelijkheden tegen de andere groep te staken. Dit initiatief van het provinciale gezag kan worden gezien als een zeer belangrijke stap naar de totstandkoming van vrede in de Molukken.

augustus 2000-08-17