Commentaar namens een té bezopen Dalang Mabuk

Het persbericht dat 20 juni 2001 vrijkwam van de adviescommissie Sari van Heemskerck laat nogal wat vragen onbeantwoord.

Op zich is het tijdstip slim gekozen: op de openingsdag van de Pasar Malam Besar ligt De Telegraaf die de primeur had en folders van het persbureau dat het bericht rondstuurt. Dat zal de argeloze bezoeker die immers voor heel andere zaken naar de PMB gaat, het prettige gevoel geven dat in elk geval goed voor zijn/haar zaakjes wordt gezorgd.

Niets is minder waar!

 Door dit persbericht is de onduidelijkheid alleen maar toegenomen.

Neem de aanhef: ‘De werkgroep Van Heemskerck heeft kennis genomen van het regeringsbesluit over de doelgroep die in aanmerking komt voor een gebaar’

 De lezer vraagt zich dan af, hoe dat kan?
De adviescommissie Van Heemskerck was nou juist ingesteld om de definitie van die doelgroep vast te leggen. Het kabinet waagde zich niet aan dat onderwerp, wetend dat je dan inderdaad in een slangenkuil terecht komt.

Als dat dan nu wél zo is, ben je natuurlijk erg benieuwd naar de buiten-de-boot-vallers. Daarover geen woord in dit persbericht. 

Wel wordt op de PMB een folder verspreid waarnaar hier kortheidshalve wordt verwezen.

Vragen n.a.v. de teksten uit die folder

Hoe zit het bijvoorbeeld met de Warga Negaras Indonesië, hoe zit het met de mensen die alléén de bersiap hebben meegemaakt, omdat ze tijdens de oorlog in Europa zaten etc. Hoe zit het personen die een z.g. Nansenpas hebben?

Collaboratie

Zo zijn er vragen over samenwerking met de Japanners. Hoe zit het met vrouwen met Nederlandse nationaliteit die vrijwillig relaties onderhielden met Japanse militairen? En hoe zit het met hun kinderen?
Hoe zit het met die z.g. geprivilegieerde werkkampen voor Indo’s? Zoals het Halimoenkamp waar de ex-voorzitter van het Indisch Platform Ruud Boekholt en zijn broer, vertoefden? 
Die personen zijn niet door een Nederlandse rechter veroordeeld. Wél is door de Centrale Raad van Beroep uitgemaakt dat ze door hun verblijf in een ‘Japans werkkamp’ in aanmerking komen voor een WUBO uitkering, maar niet gelijkgesteld kunnen worden aan jongelui die in het moorddadige strafkamp Glodok zaten, omdat de laatsten juist de loyaliteitsverklaring tegenover Japan weigerden te tekenen. Het kan toch niet zo zijn dat de rol in het meergenoemde Halimoenkamp van de ex-voorzitter van het IP geleid heeft tot deze formulering? Mensen die in Glodok hebben gezeten denken daar totaal anders over.

Bestuurlijke inteelt

Hoe was het ook weer?

Op 12 december j.l. kwam het nadien sterk bekritiseerde ‘akkoord’ tot stand tussen het Indisch Platform en de regering. Duidelijk is dat zowel parlement als regering tijdens de kamerbehandeling vragen stellen bij de z.g. representativiteit van het IP.
Daarom circuleerde in december al een brief van VWS op vragen van BLIMBING, zeggend dat het niet de bedoeling is dat hetzelfde IP de verdeling ter hand zou nemen. Integendeel, er zou naar aanvulling door niet-IP-ers worden gestreefd

Intussen weten wij beter. De commissie Van Heemskerck bestaat louter uit IP-ers. Het argument is dat men binnen de commissie liever geen ‘pottenkijkers’ ziet en dat men bovendien vindt volledig op de hoogte te zijn van de problematiek omdat dezelfde mensen met de regering onderhandelden.
Des te opmerkelijk is het dan dat vervolgens op 19 juni het plenaire IP de adviezen van deze commissie uit haar eigen gelederen goedkeurt. Opmerkelijk omdat het IP een willekeurig samenraapsel is van Indische organisaties, die sprekend als niet-rechtspersoon door het kabinet wordt aangewezen om de onderhandelingen over Het Gebaar te voeren.

Hoewel van verschillende kanten is aangedrongen om tijdens de besprekingen over de doelgroepen de adviescommissie uit te breiden. M.a.w. van enige bijsturing door de ‘Indische achterban’ is geen sprake geweest, zodat met recht gesteld kan worden dat een handjevol regenten de zaken in achterkamertjes heeft geritseld. Een andere conclusie is niet mogelijk.

Enfin, het blijft een herhaling van zetten: een samenraapsel zonder enige wettige grond bepaalt voor ruim honderdvijftigduizend in aanmerking komende Indische mensen wat de inhoud is van Het Gebaar. En dat wordt in 2003 afgesloten, hoeveel zijn er dan nog over? De staat heeft het geld al gereserveerd, met de huidige rentestand kan dat een aardig bedrag opleveren, b.v. voor het bureau dat de zaak mag organiseren. En daar kan dan ook nog de 35 miljoen af voor de collectieve doelen, zélfs na aftrek van het deficit van het Indisch Huis.