Statistiek als Soto Ayam
maar de dronken dalang houdt daar niet van, zonder kip
Verschillende keren heeft de dronken
dalang de mening verkondigd dat binnen de Indische groep 'niemand' zit te
wachten op de installatie van een Indisch Herinnerings Centrum, of in de
toekomst Indisch Huis geheten.
De mening dat het subsidie op een verkeerde plaats terecht zal komen, werd van
meer dan een kant tegen gesproken. Dat varieerde van politieke wartaal dat het
geld 'geoormerkt' was door het ministerie, tot de opvatting dat heel veel mensen
binnen de Indische groep zo'n IHC wel zagen zitten. Even in het midden gelaten
hoe prestigieus de opzet daarvan wel zou zijn.
Blamage
Van onverwachte kant ('De Sobat'; Nieuwsbrief voor Donateurs van de Stichting
Tong Tong) komen nu berichten (zie de voorpagina van het oktober-nummer 1999)
die onthutsend zijn en een blamage vormen voor de verantwoordelijke organisaties
(gebundeld binnen het Indisch Platform, dat de keuze van subsidiëring van het
IHC gestuurd heeft ). Een blamage omdat blijkbaar binnen die gebundelde
organisaties de binding met de achterban nogal hapert en men - zoals nu blijkt -
iets heel anders naar buiten brengt, dan onder de mensen leeft.
Tijdens de laatste Pasar Malam Besar werd een kleine enquete gehouden over de
keuze welke het publiek zou willen maken, indien de overheid 'Indische' subsidie
zou geven. Men had de keuze over de volgende opties: erfgoed, cultuur,
herdenken, hulp aan oorlogsgetroffenen, Indische bejaardenhuizen. Men mocht drie
categorieën aanwijzen.
Wat blijkt? Er waren twee uitslagen: een van een algemeen publiek, de andere van
Indische mensen.
Van de laatste categorie koos ruim 70% voo bejaardenhuizen, bijna 50% voor
cultuur-steun, hulp aan oorlogsgetroffenen 42%, indisch erfgoed bijna 40% en
herdenken van de bezetting 26%.
Merckwaerdig
In botte termen gesproken - en waarom niet, de dalang mabuk vond toch al dat de
voorstanders van het thans voorliggende subsidiedoel van on-indische botheid
hebben blijk gegeven: prive-meningen werden geventileerd als spreken namens hun
achterban - de mensen zijn 'bosan' (bosen) van het residu aan die klotenoorlog,
ze zien wel degelijk hun verantwoordelijkheid t.o.v. de getroffenen, hebben
echter niet zo'n helder inzicht in wat cultuur en erfgoed kunnen bieden. Dat
laatste is niet zo verwonderlijk zolang men niet goed kan duidelijk maken wat
precies wordt bedoeld met dat Indische ergoed en die cultuur.
Maar overweldigend erkent dezelfde groep de zorg voor de bejaarden binnen de
Indische kring. Om dat laatste nogeens plat te verwoorden: de oudjes die nu
worden weg gestopt binnen verzorgingshuizen zonder voldoende gevoel voor hun
Indische achtergrond: 'Dankoewel meneer de regent; helaas zie ik het niet meer
zo goed, nu ik oud en dement word. Helaas val ik terug in de emoties van mijn
kindsheid, wat spreken de verzorgers toch een raar taaltje - dat noemen ze ABN -
en zij begrijpen mijn gebrabbel niet. Maar dankoewel voor uw Indisch Huis.
Dankoewel voor die mooie pendopo die u gaat tekenen, wat zal het daar lekker
warm zijn'.
Pijnlijk
Des te genanter is het als de directeur van Stichting Pelita, Harriet
Ferdinandus, nu iets zegt dat ze verrast is door de bovengemelde voorkeuren
vanuit de Indische groep. Ja, het antwoord daarop is duidelijk: dat had zij, of
haar stichting die mede-lid is van het Indisch Platform, eerder moeten bedenken.
Trouwens, haar voorganger Leo de Coninck is nu secretaris van dat IHC en heeft
net zogoed een rol gespeeld bij het sturen van het subsidie, geoormerkt of niet,
naar het Indisch Herinnerings Centrum.
Wat zou de dalang doen, als hij merkt dat te weinig mensen geinteresseerd zijn
in zijn optreden? Wel, de voorstelling afblazen natuurlijk, voordat je
geconfronteerd wordt met een Indisch Huis dat te weinig mensen trekt om te
kunnen exploiteren.
Jammer, dat was dan weer een gemiste kans.
Dalang Mabuk