NIOD Tentoonstelling

Op z'n hollands gezegd: Nu breekt mijn kelom.
Op de dag dat SOTO vergadering hield in Amsterdam, was een bijeenkomst, belegd door de Stichting Herdenking 15 augustus 1945.
Daar werd met bij de stichting aangesloten organisaties belegd hoe het elfde lustrum van de Japanse capitulatie zal worden gevierd.

Er kwamen twee voorstellen uit de bus:
1. een film waarin 'zo onpartijdig mogelijk [zal] worden vastgelegd wat voor reacties de NIOD-tentoonstelling 'Overlevering in drievoud,beelden van de japanse bezetting in Nederlands Indië' in Rijksmuseum, eind 1999, teweegbrengt in Japan en Nederland (NIOD is de nieuwe naam van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie). Kosten ruim drie ton.
2. een studiedag - met 'charismatische' autoriteiten, als mgr Bär, gen.bd Huyser, drs Djadjadiningrat, drs Ellen Derksen en mevr.mr Y. de Rooy - zal enkele 'topics' meekrijgen: 'vijandbeeld', 'wat is vrijheid', 'cultuuraspecten', 'wat kun je doorgeven aan volgende generaties' en 'oorlog en levenseravring'. Kosten vijftig mille.

Retorische vraag wederom gesteld: Wie heeft daarom gevraagd?
Een deel van de bovenbedoelde organisaties zit ook in het Indisch Platform, dat het onzalige plan van het Indisch Herdenkings Centrum bedacht.
Het mooiste komt nog, aangezien geen geld voor de twee hierbovengenoemnde projecten is, wordt eerst aangeklopt bij de stichting die het vierhonderdjarig bestaan van Japans-Nederlandse betrekkingen met feestjes gaat vieren, waaronder de NIOD-tentoonstelling. Daar vangt men bot zodat nu begonnen gaat worden om de benodigde gelden in Japan te verwerven.

Dit is toch niet te geloven, ik denk dat mensen die in Japanse concentratiekampen zijn omgebracht, zich in hun graf zullen omdraaien. Het lijkt wel of de stichting bezig is om over hun (dode) ruggen heen en tegen elke prijs bezig is privé-belangen te verwezenlijken.
Dat klinkt bitter en is tot mijn spijt ook zo bedoeld. Ik kan daarvan meepraten als je vader in Nagasaki bij de Mitsubishi-fabrieken omkomt, waarna de volstrekt ontbrekende opvang van zijn weduwe en kinderen in dit land volgt. Het zijn bekende zaken, maar dat geeft nog geen pas om voor een 'feestje' in het millenium-jaar deze weg te bewandelen m.b.t. fondsenwerving.

Nog afgezien van het belangrijker punt, de vraag naar het 'waarom?' van de voorgestelde opzet. Weer toch een voorbeeld van heilloos terugblikken, opdiepen van verzonken ellende, geconditioneerd verhevigen van frustraties. Waarom - dat werd eerder betoogd in de discussie rond SOTO en het IHC - dat geld niet positiever met een werkelijk begaan-zijn voor de toekomst, besteed aan b.v. de ontwikkeling van culturele (muziek, dans, beeldende kunst, literatuur, film) projecten. Daar zouden japanse jongeren en nog eerder Indonesische jonge kunstenaars heel goed kunnen samengaan met Indische.

Kan die tweede, derde, vierde generatie zich nou niet daarvoor warm maken?
Waarom uiten jullie je niet tegenover zulke clubs als SOTO, IHC en nu de Stichting Herdenking 15 Augustus 1945, potperdom?