Toenemend geweld op de Molukken en sociale onrust ondermijnen positie van president Wahid

Na een periode van betrekkelijke rust is de situatie op de Molukken er de laatste weken weer sterk op achteruit gegaan. In het bijzonder op het Noord-Molukse eiland Halmahera vielen leden van een kortgeleden op Java opgerichte jihad-leger verschillende christelijke dorpen aan, waarbij tientallen doden vielen. Op Ambon
heeft vanaf half mei een reeks van gewelddadige voorvallen plaats gehad. Het dagelijkse leven begon juist weer een beetje op gang te komen. Kinderen gingen weer naar school; fietstaxis en busjes reden er rond.
De jihad-strijders vertrokken in de loop van april naar de Molukken om een 'heilige oorlog' te gaan voeren tegen christenen. In Jakarta had de president de marine opdracht geven de Molukken af te grendelen voor deze fanatieke strijders. Bij aankomst op de Molukken hield niemand hen tegen. Een raadsel of bewuste sabotage?.
Op 22 mei drong een groep vrouwen, slachtoffers van geweldsuitbarstingen op Ambon, bij plaatstelijk gouverneur Latuconsina er op aan om de jihad-strijders naar Java terug te sturen. De gouverneur beloofde dat hij met het hoofd van de politie en de bevelhebber van de plaatselijke legermacht zou overleggen over wat de beste aanpak zou zijn. Een dag later braken opnieuw ongeregeldheden uit op Ambon tussen grote groepen moslims en christenen na de ontploffing van een bom die naar een auto was gegooid. Tijdens deze onlusten kwam een becak-rijder om het leven. Hij werd vermoedelijk gedood door een politiekogel. Dat bracht opnieuw uitbarstingen van geweld en spanningen op Ambon teweeg.
Op 25 mei vond een nieuwe uitbarsting van geweld plaats in de Noord-Molukken die volgens officiële berichten aan 34 mensen het leven heeft gekost. Volgens journalisten zouden er minstens 188 doden en tientallen gewonden zijn gevallen voornamelijk in de districten Galela in het noorden van het eiland Halmahera.
Volgens lokale mensen zouden de groep aanvallers uit jihad-strijders hebben bestaan die met speedboten en bewapend met geweren vanaf zee opereerden. Twee gedode moslimstrijders bleken volgens hun identiteitskaart afkomstig te zijn van Sumatra. Op 27 mei verklaarde plaatstelijk commandant generaal Max Tamaela dat het leger de situatie onder weer onder controle had.
Sinds de aankomst van de moslimstrijders dringen belangrijke christelijke groeperingen op de Molukken er bij de autoriteiten en bij de grootste moslimorganisatie Nahdatul Ulama, op aan om hun gezag te doen gelden en de strijders weg te sturen uit de Molukken.

Het Indonesische leger heeft versterkingen gestuurd naar de Molukken.
De laatste dagen van mei werd Medan op Sumatra opgeschrikt door enkele bomaanslagen op een protestantse kerk waarbij enkele gewonden vielen. Op Sumatra wonen verhoudingsgewijs veel christenen, met uitzondering van Aceh. De bomaanslag in Medan is door waarnemers in verband gebracht met het jihad-geweld op de Molukken. Ook zou het toenemend geweld te maken kunnen hebben met pro-Soeharto-elementen die met afschuw zien hoe hun voormalige leider door de justitiële autoriteiten steeds verder in het nauw wordt gedreven.

Positie president Wahid zwakker

Het toenemend geweld heeft de positie van president Wahid niet versterkt. Het lijkt er op dat hij onvoldoende macht kan uitoefenen op de top van de strijdkrachten om overal in het land rust en orde te brengen. Ook op politiek gebied ligt Wahid onder vuur. Het ontslag van twee ministers op beschuldiging van corruptie houdt de gemoederen nog steeds bezig. Men verlangt van de president dat hij deze beschuldiging waar maakt.
Of dat al niet vervelend genoeg was ging Wahids massseur er met 10 miljoen dollar vandoor en daarna bleek er 35 miljoen dollar bij de BULOG, het staatsapparaat verantwoordelijk voor het rijstbeleid, verdwenen.
In augustus komt het Volkscongres (MPR) weer bijeen. Dan zal Wahid verantwoording moeten afleggen voor zijn beleid, dat tot nog toe nog weinig concrete resultaten heeft opgeleverd. Buitenlandse investeerders blijven afwachten zolang de politieke en sociale onrust in het land nog niet is verminderd. President Wahid is daarmee in een moeilijke vicieuze cirkel terecht gekomen. Zolang de economie niet verbetert als gevolg van grote buitenlandse investeringen, neemt de armoede verder toe en dat bevordert niet bepaald de sociale rust in het land.
Indonesië is nog lang niet uit de crisis.