Tekenen van tegenspraak, I
Een paar dingen in de laatste maanden van de vorige eeuw gehouden discussies treffen. Er lijkt steeds weer een grotere discrepantie te komen tussen goeie bedoelingen en hoe het in de parktijk uitpakt.
Neem de SOTO-affaire.
Net voor de jaarwisseling is het tweede nummer van hun Nieuwsbrief (aan te vragen op
SOTO's emailadres: soto@xs4all.nl)
uitgekomen. Het staat bol van de goede voornemens, waaronder de uitgave van twee boeken
gebaseerd op de ervaringen van terug gekeerde oorlogsslachtoffers en de aankondiging van
een TV-film, in 2001.
Er zijn, blijkt nu, negenendertig deelonderzoeken gestart, waaraan vijftig onderzoekers werken. Omdat de dronken dalang zwaar teleurgesteld was bij het bezoeken van de eerste bijeenkomst in de RAI, die een organisatorische puinhoop was en omdat naar zijn mening te weinig rekening gehouden werd met de verwachtingen bij de verschillende groepen waarop SOTO zou studeren, heeft hij zijn mening in het kort verwoord met de vergelijking dat het menu soto zonder ayam bevatte. Zijn hardste kritiek betrof het ontbreken van een duidelijk plan met criteria waaraan de onderzoeken zouden moeten voldoen, vervolgens het niet van tevoren voldoende aftasten van meningen bij de diverse groepen, die daar prompt adequaat op reageerden in de trant van 'zonder ons en over ons'.
Zo werd het van de zijde van SOTO blijkbaar heel normaal gevonden oproepen te plaatsen voor deelname aan de interviews, vervolgens uit de aanmeldingen een keuze te maken en dan de mensen die zich hadden opgegeven, verder niet eens op de hoogte te stellen. Noch van de subjectieve criteria welke tot de uitverkiezing leidden, noch van het niet-kiezen, op zich. Waarbij volgens de dalang 'de' politiek de meeste verwijten treft, want die had nagelaten voldoende toezicht te houden, maar zich ook onvoldoende teweer gesteld tegen de academische lobbyisten die uiteindelijk de centen voor de arbeidsvoorziening van een aantal doctorandi binnen haalden.
Je zou zeggen dat e.e.a. nu in de laatste Nieuwsbrief uit de doeken wordt gedaan. Niets daarvan, wel een paar egotrippen van SOTO-onderzoekers die melding maken van hun ongetwijfeld heel noeste arbeid bij het opdiepen van beeldmateriaal, de toestand in Eindhoven in 1944, zeevarenden, de naoorlogse weekbladpers en Nederlandse namen in Zweedse archieven van na de oorlog. Dat zijn twaalf bladzijden druksels, waarbij zes foto's - waarvan twee op ongeveer een kwart A5-formaat van SOTO-auteurs.
De referentie aan 'Indische'
oorlogsslachtoffers blijft beperkt tot twee zinnen in de marge van de artikelen. Voor de
goede orde: zowel tijdens de hierboven bedoelde RAI-bijeenkomst, als bij de aanmeldingen
voor deelname aan interviews is de 'Indische' groep verreweg de grootste gebleken! Moet de
Indische groep dan blij zijn met die ongetwijfeld luxueuze boeken? Neen, zeker niet nu de
meesten die het meemaakten al begraven zijn, of anders onaangepast in verzorgingshuizen de
nadagen slijt.
Het 'Historisch Nieuwsblad' - ook op interhet te raadplegen http://www.xs4all.nl/~hisnieuw/ - heeft in het
januarinummer ook aandacht geschonken aan de SOTO-kwestie, in een artikel geschreven door
Marchien den Hertog en Stef Severt. Hierin staat centraal de vraag in hoeverre de
verkeerde conclusies zijn getrokken uit de (oorspronkelijke) aanzet van het
SOTO-onderzoek: erkenning.
Het gaat te ver om hier nogeens alles uit dat artikel over te schrijven, een paar
conclusies uit de mond van SOTO-medewerkers zijn wellicht illustratief:
- 'En mocht het onderzoek uitwijzen dat de overheid is tekort geschoten [...] dan
mogen excuses toch niet uitblijven?' (Evelien Gans)
- 'Een beladen term [...], als een uitgebreide, diepgaande aandacht voor de
problematiek van de opvang' (Bossenbroek) - 'Het beeld is niet zwart-wit. De
kleurschakeringen zullen beduidend diverser zijn' (Ad van den Oord)
- 'Er was een maatschappelijke vraag, maar dat betkent niet dat we maatschappelijk
gewenste antwoorden gaan geven' (Conny Kristel, directeur SOTO).
Ook twee personen uit de beoogde groep die onderzocht wordt, komen kort aan bod:
- B. Evers-Emden: 'We hadden het even moeten definiëren he? [...] Veel joodse
kennissen weten niet eens dat ik dit doe.'
- Huib Deetman: 'Jaren gebeurt er niets en dan komt er plotseling zo'n SOTO uit de
lucht vallen [...]De voorzitter van de sessie had het helemaal niet in de hand, ene
normale discussie was onmogelijk.'
Het lijken magere doekjes voor het bloeden en riekt naar een excuus vooraf, het indekken
tegen nog meer kritiek in de toekomst!
Overigens, onder historici werd van
meet af aan kritiek geleverd over de opzet en werden termen gebezigd als: 'hier is
sprake van instrumentalisering van de geschiedwetenschap voor politieke doeleinden. Door
het onderzoek in te stellen heeft de politiek op handige manier uitstel weten te krijgen,
om vervolgens aan de historici over te laten het deksel definitief op het verleden te
schroeven' (Bert Altena).
Gerard Mulder verwacht dat de onrust onder de oorlogsslachtoffers eerder zal vergroten dan
verkleinen [....] zij willen bevestiging van hun leed.
Tel uit je winst dus. Krijgen de nog resterende oorlogsslachtoffers volgend jaar misschien die boeken als 'genoegdoening' bijvoorbeeld? Of als 'erkenning'?