Winternachten
Indonesische schrijversavond
Van vrijdag 11 februari tot en met zondag 12 februari 2000 werd de vijfde editie van 'het festival Winternachten' in Den Haag gehouden. Hieronder volgt een verslag van de Indonesische schrijversavond tijdens de Winternachten op vrijdag 11 februari jongstleden: een ontmoeting met hedendaagse Indonesische schrijvers en dichters. Als gespreksleider trad die avond op journalist Kees Snoek. Een van de eersten die hij interviewde was de dichter/journalist Goenawan Mohamad. Hij is een van de belangrijkste vrijheidsactivisten in Indonesië. Goenawan Mohamad is hoofdredacteur van het kritische weekblad Tempo dat in 1997 een verschijningsverbod kreeg opgelegd, maar desondanks door bleef gaan met verschijnen op Internet waar de Indonesische overheid het weekblad geen restricties kon opleggen. Goenawan vertelde hoe hij na het verschijningsverbod van Tempo met anderen het 'literaire' tijdschrift Kalam ('Inkt') had opgericht dat zich onder het bewind van Suharto ogenschijnlijk met literaire werken bezighield, maar dat in werkelijkheid als dekmantel diende voor ondergrondse (vrijheids)activiteiten van Goenawan en de zijnen. Hij beschreef hoe de val van het Suharto in mei 1998 voor hemzelf en andere vrijheidsactivisten toch nog onverwacht snel was gekomen. Hoewel dit al lang door hen was verwacht, waren zij door de snelheid waarmee zijn val gepaard ging niet voorbereid op de daadwerkelijke gebeurtenis. Zo hadden ze niet de tijd gehad om een oppositie te vormen die gelijk na de val van Suharto op de voorgrond had kunnen treden.
Op de vraag van Snoek: hoe de huidige toestand is in Indonesië in de zaman reformasi ('de tijd van hervormingen'), antwoordde Goenawan dat in zijn land in deze dagen over alles in vrijheid wordt gediscussieerd, zoals over de staatsbegroting van 1999: uitgebreid wordt daar door mensen op de televisie op ingegaan. Hieruit blijkt dat de mensen heel blij zijn met de nieuwe vrijheid van meningsuiting die er nu is in Indonesië. Goenawan merkte op dat na verloop van tijd de mensen misschien wel genoeg zouden krijgen van al die uitvoerige discussies, maar op het moment is dat zeker niet het geval. Goenawan sprak zijn zorg uit dat wanneer er binnen vijf jaar geen werkelijke hervormingen of veranderingen in Indonesië plaatsvinden, de mogelijkheid aanwezig is dat een militaire junta een greep naar de macht zal doen, zoals dat zich onlangs in Pakistan heeft voorgedaan.
Daarna introduceerde Goenawan de jonge schrijfster Ayu Utami en Oost-Timorese verzetsdichter Abe Barreto Soares. Ayu Utami is van beroep journaliste. In het afgelopen jaar heeft zij in Jakarta de Literatuurprijs gekregen voor haar boek "Saman" dat een regelrechte bestseller is en waarvan de verkoop alle bestaande verkoopcijfers van boeken in Indonesië heeft overtroffen. Op dit moment is zij zo mogelijk de meest gevierde schrijfster in het eilandenrijk. Haar succes ligt vermoedelijk in de bijzonder vlotte en beeldende wijze waarop ze zich bedient van de Indonesische taal alsook in de manier waarop zij in haar werk taboes doorbreekt. Nadat Kees Snoek haar enige vragen had gesteld, waarop zij vlot in het Engels antwoord gaf, las zij enkele passages voor uit het manuscript van het boek waar ze nu mee bezig is; het is een vervolg op haar eerste boek dat zich afspeelt in Bali en gaat over een oude vrouw die over haar lotgevallen (onder meer haar ervaringen na de mislukte staatsgreep eind september 1965) vertelt aan haar zoon die van plan is haar te doden zodra zij klaar is met haar verhaal, omdat hij meent dat zij reeds lang genoeg heeft geleefd.
Na Ayu Utami was de jonge dichter Abe Barreto Soares aan de beurt om zich voor te stellen. Hij vertelde dat hij Engels had gestudeerd aan de Universitas Gajah Mada in Jogyjakarta en hem de gelegenheid werd geboden om in Canada stage te lopen. In de tijd dat hij in Canada verbleef werd het referendum in Oost-Timor gehouden dat gevolgd werd door de onlusten in zijn geboorteland. In Canada vroeg hij vervolgens als vluchteling asiel aan die hem ook werd verleend. Hij droeg diverse gedichten voor die hij had geschreven over Oost-Timor in het Indonesisch en het Portugees.
Een andere gast die door Goenawan Mohamad werd geïntroduceerd was Sitok Srengenge, de dichter/performer uit Jakarta die de afgelopen jaren reisde door Aceh en Oost-Timor, en daarvan in zijn poëzie verslag heeft gedaan. Drie jaar geleden maakte Srengenge tijdens Winternachten reeds grote indruk met zijn optreden. Ook op deze avond droeg Sitok een aantal van zijn gedichten op bijzondere wijze uit het hoofd voor. Sitok verklaarde dat hij gewend was om zijn gedichten uit het hoofd voor te dragen, omdat ten tijde van het bewind van Suharto schrijvers/dichters voordat ze ergens een voordracht uit eigen werk gaven eerst de geschreven tekst waaruit ze wilden lezen moesten voorleggen aan censors (de politie). Dit was voor hem reden om zijn gedichten niet vanaf een geschreven tekst voor te lezen, maar ze uit het hoofd voor te dragen, zodat ze vrij bleven van censuur. Op de vraag van Kees Snoek óf de stijl die hij hanteerde in zijn gedichten en bij zijn voordracht daarvan niet veel gelijkenis vertoonde met die van de bekende dichter Rendra, antwoordde Sitok dat jonge dichters dikwijls met reeds bekende dichters worden vergeleken, maar dat elke dichter in zijn werk op geheel eigen wijze uiting geeft aan zijn gevoelens. Daarna vertelde hij dat hij een aantal jaren deel had uitgemaakt van het werktheater (in het Indonesisch: 'Bengkel') van Rendra en dat hij qua opvoeringstechniek veel van hem had geleerd, maar Sitok benadrukte dat hij over een duidelijk eigen stijl beschikte.
Later op de avond stelde Kees Snoek de Indonesische dichters Hersri (ongeveer zestig jaar oud) en Agam Wispi (ongeveer zeventig jaar oud) voor die reeds geruime tijd in ballingschap in Nederland leven. Ook zij droegen uit eigen werk verschillende teksten voor die zij in het Indonesisch hadden geschreven. Persoonlijk was ik onder de indruk van hen, omdat hoewel zij ver van hun vaderland verwijderd waren en lange tijd niet terug waren geweest in al de jaren die zij in ballingschap hadden doorgebracht door zijn gegaan met het schrijven van gedichten en/of verhalen die ook vandaag de dag nog even actueel en betekenisvol zijn als in de tijd waarin ze zijn geschreven. Onlangs was Agam Wispi van een tijdelijk verblijf van twee maanden in Indonesië teruggekomen in Nederland. Dit was zijn eerste terugkeer in Indonesië na vele jaren in ballingschap te hebben geleefd. Na afloop van de schrijversavond keerde ik met een tevreden gevoel huiswaarts. Het was een alleszins bevredigende avond geweest.