|
ARCHIEF

Hier klikken
Afgang van een feestje
Overzicht uit de kranten
VOC:
Wat vieren?
Reacties
Standpunt ambassadeur Abdul Irsan
Symposium
13 april 2002
Trouw
interview
KNIL Mythe
Warga-negara:
Het Gebaar
8 maart Forum
Samenwerking
ICC en IH
Poncke Princen Overleden
VIP Interview
Swaving: Maatje Dies
Slavernijmonument
Usman Santi (PvdA)
Kant en klaar
Treffend taalgebruik
Schlechter: Tokeks
British Library
Schumacher: Recensies
Deetman: Boeken
Verslagen bijeenkomsten
AGENDA
Ingezonden
| |
Van Indië naar Indonesië
Van Breed Historisch Onderzoek naar fietsen
op de hometrainer
Bij de nogal omstreden totstandkoming
van het Gebaar t.b.v. de Indische groep in de Nederlandse samenleving -
Blimbing heeft daar uitvoerig bij
stilgestaan, zie archief - zijn er verschillende deals gemaakt. Zoals die
rond het bezoek van keizer Akihito, de viering van driehonderd jaar
Japans-Nederlandse betrekkingen. Dat heeft allemaal een rol gespeeld bij het
bepalen door kabinet en parlement van het uiteindelijke resultaat, de mokkend
aanvaarde 350 plus 35 miljoen gulden.
Het is van belang dit nogeens zo te stellen, omdat bovendien allerlei wilde
speculaties en ´kabar angin´ ronddartelden over eventuele individuele
claims die in de toekomst nog serieus aan bod zouden komen.
M.a.w. er ontstond een vrij circuit van veronderstellingen en vooral van
verwachting over wat er ´nog in het vat zou zitten´, dit ondanks het feit dat
van parlementaire zijde meermalen uitdrukkelijk is gesteld dat ´de koek op
was´en men verder ging met de karavaan, blaffende en maanzieke honden negerend.
Na de voor Paars desastreuze verkiezingen komen een aantal sleutelfiguren niet
meer terug in de kamer, zodat de planning van Het Gebaar en de parlementaire
behandeling meesterstukjes lijken om bij voorbaat elke nakomende kritiek te
smoren.
Immers ´bukan saya´ zal men altijd kunnen zeggen.
Rechtsherstel en Indisch Platform?
(Onderstaande alinea´s ontleend aan
Peter de Ridder´s website)
In zijn huidige vorm is Het Gebaar een onvoldoende door het Indisch Platform (IP)
behaald resultaat.
Het IP vroeg 500 miljoen gulden voor collectieve projecten en 900 miljoen voor
individuele verdeling á 7.500 gulden per persoon: totaal dus 1.4 miljard gulden.
De regering kwam uiteindelijk slechts met 35 miljoen voor colectieve projecten
en 350 miljoen voor individuele verdeling uit de bus (totaal 385 miljoen
gulden), alsmede toezegging van een breed historisch onderzoek om t.b.v.
toekomstige generaties witte vlekken in de geschiedschrijving in te vullen,
waarbij overigens op aandrang van het IP 'aspecten van rechtsherstel' zullen
worden meegenomen.(Zie
ook de site van SBPB)
Het IP wil Het Gebaar slechts zien als genoegdoening voor de kille ontvangst van
de gerepatrieerden in Nederland en meent de voet tussen de deur te hebben
gehouden nu de regering 'aspecten van rechtsherstel' in het breed historisch
onderzoek zal laten meenemen. Het IP bracht steeds naar buiten dat er onderzoek
naar rechtsherstel zal volgen náást het breed historisch onderzoek, hetgeen
echter onjuist was gezien het duidelijke standpunt van de regering. Zolang er
niet op een andere wijze met de regering 'overlegd' wordt, zal er géén
verandering in deze situatie komen!
De constatering nú dient te zijn dat het IP in de aanloop van de besprekingen
rond Het Gebaar verwijtbare fouten heeft gemaakt, met name in de strategie van
onderhandelen met een door de wol geverfde overheid.
En dat blijkt zich nu weer te wreken bij lezing van het
uitvoerige commentaar van Jan de Kleyn n.a.v. het voorgenomen BHO.
Indische wensen
(vanwege het Indisch Platform geformuleerd):
Met name is het onthutsend te lezen dat het IP in een gesprek met het NIOD op
twee essentiële punten stelde
-- dat de Indische Gemeenschap centraal staat.
-- dat dit (BHO) onderzoek het resultaat is van onderhandelen.
En dat vervolgens na enig gesteggel de uitslag blijft:
-- dat de Indische gemeenschap niet centraal staat, niet een
prioriteit krijgt en dat andere bevolkingsgroepen ook de onderzoeksaandacht
krijgen.
-- dat het onderzoeksprogramma zoals nu verwoord, tot doel had, om de opdracht
van het VWS te verkrijgen.
Je vraagt je natuurlijk af wat deze rituele dansen nog aan betekenis hebben, het
was toch zo dat het BHO in de allereerste plaats - zie de droeve
voorgeschiedenis - een toezegging was aan de Indische gemeenschap? Nu lijkt het
of men met enige emmers stroop ook nog de Indonesische overheden zover wil
krijgen om een handvol historici nog een paar jaar aan het werk te houden met
onderzoek naar aspecten van de Indisch-Indonesische verhoudingen die
ongetwijfeld de moeite waard zijn om te ontsluiten, maar beter in afzonderlijke
studies hadden kunnen worden geëntameerd.
Wederom wordt nu de suggestie gewekt dat als men maar lang genoeg wacht de
direct betrokkenen uit de Indische gemeenschap voorgoed de laan uit zijn.
Cultuur
Een regelrecht onthutsend voorbeeld is natuurlijk paragraaf vier ´De
dekolonisatie van de stedelijke samenleving´, te bestuderen in Medan, Jambi,
Jakarta, Bandung, Yogyakarta, Surabaya, Banjermasin, Menado en Makassar.
De meeste van deze steden - leven, werken, wonen - zijn de laatste jaren al
onderzocht in gemeenschappelijke studies van universiteiten en architecten uit
beide landen, het ligt dan toch voor de hand deze studies een uitbreiding te
geven, in plaats van het nu te persen binnen dit Breed Historisch Onderzoek?
Welk doel steunt dit voornemen nou?
In elk geval wordt daar
geen Indisch belang mee gediend.
Het is niet al te toevallig dat de betekenis van ´Indische cultuur´ nergens aan
bod zal komen, terwijl het dit juist voor de Indische gemeenschap - zeker in het
verlengde van de 35 miljoen collectieve uitkeringen van Het Gebaar - voor de
toekomst van levensbelang is.
Kortom, weer een van de reeks gemiste kansen. Men oordele zelf aan de hand van
onderstaande teksten uit het voorgenomen Breed Historisch onderzoek, de fiets
met bergversnelling is vervangen door een hometrainer.
Het 33 pagina’s tellend – door het NIOD
opgestelde - document is getiteld “Van Indie naar Indonesië. De
herschikking van de Indonesische Samenleving”.
Formeel luidt het verzoek van het VWS aan het NIOD:
“Een breed opgezet historisch onderzoek naar in het bijzonder de sociale
en economische gevolgen van de Japanse bezetting en de daarop volgende Bersiap-
en revolutietijd alsmede het dekolonisatieproces voor de verschillende
bevolkingsgroepen in de verschillende regio’s in Nederlands-Indie/Indonesië.”
Het onderzoeksprogramma concentreert
zich op een viertal belangrijke sociale en economische vraagstukken en is
opgezet in 4 deelstudies.
Deelstudie 1
Indonesianisasi en nationalisme
De ontvoogding en heroriëntatie van economie en bedrijfsleven.
In deze studie komen de volgende onderwerpen aan de orde:
- De politieke terugtrekking van Nederland
, de beëindiging van de economische dominantie, het vertrek van het
Nederlandse bedrijfsleven en de verschuiving van de internatonale economische
relaties.
- De nationalisatie van de Nederlandse
ondernemingen en de derde golf van repatrianten en migranten in de vijftiger
jaren naar Nederland.
- De economische, politieke, juridische en
(bedrijfs)culturele achtergronden in het onderzoek naar de Indonesianisasi.
- De verschuiving van het accent van de
buitenlands economische relaties van Europa naar Oost Azië.
- De parlementaire democratie in Indonesië,
het falen van het economisch beleid de groei onder Soeharto, de economische
neergang erna de hyperinflatie en de wanorde.
- Het dualisme van de koloniale economie en
de dynamiek van het niet Europese ondernemerschap.
- De oprichting van inheemse Indonesische
bedrijven direct na 1945 en na 1949.
- De ontwikkeling van het Indonesische
bedrijfsleven, de oprichting van de handelsbank, de lucht en de scheepvaart
maatschappij.
- De nationalisatie van de Nederlandse
bedrijven. Een analyse op landelijk en regionaal niveau
De looptijd van het onderzoek van deze
deelstudie bedraagt 4 jaar.
Deelstudie 2
De financiële afwikkeling van oorlog en
dekolonisatie
2A Schade en rechtsherstel
In deze studie worden de volgende onderwerpen
behandeld:
- (Ondanks de beperkingen van het
bronnenmateriaal en het ontbreken van goede archieven,)Het uitvoeren van een
gedegen onderzoek, teneinde een algemeen beeld te krijgen van de financiele
problematiek, een indicatie te geven van de aard van de oorlogsschade en een
analyse te geven over het overheidsbeleid ten aanzien van schade en
rechtsherstel.
- Een studie/onderzoek naar de veranderende financiële betrekkingen tussen
Nederland en Indonesië; hierbij wordt ook de situatie bezien van de openbare
financiën en het bankwezen, en de financiele regelingen tussen beide landen.
- Een studie/onderzoek naar de schadeproblematiek; hierbij wordt in het
bijzonder aandacht besteed aan het verlies van geld en van onroerende goederen
en roerende goederen en de omvangrijke bedrijfsschade. Ook zal worden gekeken
naar het beleid van Japanse autoriteiten ten aanzien van financiele tegoeden de
confiscatie van huizen en andere goederen, de vernielingen van bedrijven en
woningen de ongeorganiseerde roof en de plundering.
- Onderzoek naar rechtsherstel; in dit deel van het onderzoek wordt ingegaan op
de houding en het beleid van de Nederlandse en Indonesische overheden jegens de
schade en de claims.
Hierbij zullen ook de archieven en documentatie worden bezien van tal van
instanties en organen, die zich hebben beziggehouden met de recuperatie van
verloren goederen.
- De bevindingen van de Commissie van Galen en de Technische
Haalbaarheidscommissie zullen in een bredere context worden geanalyseerd.
De looptijd van het onderzoek van deze
deelstudie bedraagt 2 jaar.
2 B De backpay- kwestie in
Internationaal perspectief.
In dit subdeel van het onderzoek worden de volgende
onderwerpen behandeld:
- Een onderzoek naar de niet uitbetaalde/achterstallige salarissen.
- De rehabilitatieregeling en de slot-rehabilitatieregeling, die door de
soevereiniteitsoverdracht werd doorkruist.
- De wijze waarop de Nederlandse overheid heeft gereageerd op de backpay-kwestie
in al haar facetten en de wijze waarop de gemigreerde onderdanen actie hebben
gevoerd in de periode van 1945 tot 2000.
- Een onderzoek naar de financieel-economische en juridische aspecten van de
backpay-kwestie in relatie tot de mentaliteit van het bestuur om tot weigering
van betalingen over te gaan.
- Een onderzoek naar de juridische gevolgen van de wetgeving van 1912, waarbij
de Nederlands en de Indische financiën werden gescheiden en waarbij Nederlands
Indie een eigen rechtspersoon werd.(maar waarbij de begroting in het Nederlands
parlement werd vastgesteld).
- Een onderzoek naar het handelen van de diverse Indische organisaties,
stichtingen verenigingen etc met betrekking tot de Backpay-kwestie. In dit deel
van het onderzoek wordt ook de wetgeving ten behoeve van oorlogsgetroffenen
betrokken zoals de invoering van de WUV en de WUBO en de WUIG.
- Het plaatsen van de backpay-kwestie in een internationaal perspectief; gedoeld
wordt op een vergelijking met het beleid van de Britse overheid ten aanzien van
haar geïnterneerde ambtenaren en krijgsgevangenen.
- Een onderzoek naar de regelingen van particuliere Westerse ondernemingen
terzake het niet uitkeren van salarissen aan geïnterneerde werknemers.
Dit deel van de studie zal in ongeveer
tweeënhalfjaar worden afgerond.
Deelstudie 3
Nieuwe ordes: misdaad en gezag.
In deze deelstudie krijgen de volgende
aspecten de aandacht:
- De legitimiteit van de centrale overheid stond onder druk; dit wordt bezien in
het laatkoloniale bewind, onder het Japanse bewind en onder de jonge
Indonesische Republiek.
- De sterk uiteenlopende meningen over de inrichting van het onafhankelijke
Indonesië. Hierbij worden ook de acties bezien van etnische, regionale,
ideologische en religieuze belangengroepen.
- In hoeverre is het koloniale gezag gebaseerd op een inboezeming van angst en
een systematische dreiging of toepassing van geweld.
- Een analyse van de aard van de geweldsmisdaden in Indonesië tussen de jaren
dertig en zestig. Door het onderzoek te richten op de aard en frequentie van de
misdaden, de organisatiegraad en de sociale gevolgen van de criminaliteit,
worden zowel daders, overheden als slachtoffers belicht. Het onderzoek zal zich
vooral richten op 3 categorieën zware misdaad: moord; aanranding/verkrachting en
roof.
Deze misdaden worden bestudeerd in zowel de laatkoloniale periode, de Japanse
bezetting, de revolutie periode, de jaren van de parlementaire democratie en de
instelling van de geleide democratie in 1959. In dit kader worden de lotgevallen
van enkele bevolkingsgroepen belicht. (o.a. de ervaringen van de Indische
Nederlanders en de Chinezen.)
- De antwoorden op de politieke terreur tijdens de BERSIAP.
- Het al dan niet kunnen functioneren van een sterke georganiseerde misdaad.
- Het bezien van voornoemde onderwerpen in een aantal regio’s en in bepaalde
steden.
Dit onderzoek zal in 4 jaar worden
afgerond.
Deelstudie 4
De dekolonisatie van de stedelijke
samenleving
4 A De strijd om de stad.
In deze deelstudie worden de volgende aspecten onderzocht:
- De etnische verschuiving na de internering in de Japanse tijd.
- De sterke urbanisatie in de jaren veertig en vijftig
- De sterke competitie tussen de verschillende bevolkingsgroepen en de strijd om
het gebruik van de stedelijke ruimte, om de toegang tot publieke voorzieningen
en de aansluiting op openbare nutswerken.
- De gevonden oplossingen voor de grote woningnood.
- De gevolgen van de toenemende concurrentie van hoogopgeleide Indonesiërs.
- De gevolgen van de uitbreiding van de straathandel.
- De strijd om woonruimte, de aanleg van nutswerken en de waterafvoer, de aanleg
van wegen, de bouw van scholen, ziekenhuizen en markthallen.
Dit alles tegen het licht van geringe gemeentelijke inkomsten, een matige
bevolkingregistratie, en een minder goed kadaster en een gebrek aan
bestuurservaring.
Voor dit onderzoek zijn 4 jaren
geraamd.
4 B Straatbeelden: symbolische
veranderingen van de stedelijke cultuur.
In deze laatste deelstudie komen de volgende
onderwerpen aan de orde:
- Op basis van micro onderzoeken wordt het leven in steden en wijken nauwkeurig
gereconstrueerd en geanalyseerd.
- De veranderingen van het straatbeeld( zoals: gebouwen, monumenten, straatnamen
en symbolen, etalages, bioscoop aanbod, de eetstalletjes en sportaccommodaties)
worden secuur in kaart gebracht.
- De nieuwe bewoners van de oude Europese elite buurten.
Dit onderzoek richt zich op twee oude koloniale steden. Aangezien de meeste
informatie voor deze micro benadering is te vinden in bronnen als, interviews,
krantenartikelen en foto’s, zal deze deelstudie worden verricht door
Indonesische onderzoekers.
- de opdrachtgever is VWS;
- de uitvoerder is het NIOD;
- de IP notitie terzake Rechtsherstel wordt
in het onderzoek betrokken: en
- de kosten van het onderzoek staan los van
het “Gebaar”
1 De coördinatie van het onderzoek
berust bij een projectbureau dat binnen het NIOD is gehuisvest.(De coördinator
en een ondersteunende kracht in NL met daarnaast een coördinator in Indonesië)
2 Een wetenschappelijke stuurgroep ziet toe op de inhoudelijke afstemming van de
verschillende activiteiten en zal de coördinator van advies dienen en zonodig de
voortgang bijsturen.
3 Een commissie van advies of vertrouwenscommissie zal toezien op de legitimatie
en presentatie van het project voor de pers, overheid en maatschappelijke
groeperingen.
Naast wetenschappers uit Nederland en Indonesië zal een vertegenwoordiging van
de Indische gemeenschap in deze commissie zitting hebben.
4 De onderzoeken zelf worden uitgevoerd door ervaren senior onderzoekers. Zij
werken vanuit verschillende instituten in Nederland. De senioronderzoekers
worden begeleid door de stuurgroep en eventueel externe meelezers en bijgestaan
door junioronderzoekers. De projectcoördinator coördineert tevens de in
Indonesië lopende onderzoeksactiviteiten, verricht door de onderzoeksgroepen. De
Japanse archieven worden onderzocht door een of meerdere, in deeltijd
aangetrokken, Japanse onderzoekers. Hun werkzaamheden worden begeleid door een
Japanse counterpart, die nauw samenwerkt met de projectcoördinator en de
senioronderzoekers.
| |
Bezoekers-statistieken
LINKS

Uit de zak van de Tjelana Monjet

BBC: Indonesian Flashpoints


LAYANGAN
12 Indodichters
Sierkan-lezingen
Onze
Plek
NIEUW-INDISCH
Nieuw-Indisch: meer aandacht in de media voor de indische cultuur
Kamus Elektronik Bahasa Indonesia
INDOWEB
community voor
indo's op het i-net
Bona Ni Pasogit
Batakse stammen
|