E-Zine BLIMBING: Indische en Indonesische Onderwerpen
Redactie: Huib Deetman, Peter Schumacher, Emmy Verhoeff
 

COLOFON
mei 2003

Nieuwe directeur Indisch Huis

Onindisch Knooppunt

Interview SV Jappenkamp

Pak Yusril Mahendra

Communiqué Indisch Platform

Conferentie dekolonisatie

Bezuinigingen

Voorspelbare Perkaras

Boekrecensies

Amanda´s Laatste Kans
Nog meer reacties

Dat is me toch wat
Niod-column

Badontji

Lilian Ducelle over Indisch in de aanbieding

Oenig

Fantaaaaasties

Geflanst, recept

Telforttreunis

Verder met SBPB?

Last van de oorlog?

Tessel Pollman

Pasar Jembatan

Bersiap Conferentie

Kranten&Tijdschriften

Mislukte informatie over Tweede Gebaar

Wie houdt de herdenkingsrede?

Stiekem Gebaar?

Pasar Malam Besar?
&
Reacties

Interview Frans Deeleman

4 mei: Oorlog en Liefde

Prijs voor Stichting De Brug

Peter de Ridder

Verslag open discussies over BHO

KNEUZEN
en reacties

Haalbaarheidsonderzoek

Bespreking achterstelling in BHO

Discussiemiddag over Het Tweede Gebaar, een farce

Brief INOG aan Indisch Platform

Verslag vijfde Jembatanforum dd 9 november

Rood hoedje van papier

Nakamuraschat

Verslag Perkara-forum 22 oktober

Indo´s en Macchiavelli

Wouter Müller
I.N.D.O.

Moderne boekhandels in Jakarta

Forum uitnodiging

Sierkanlezingen verhuizen

Doorgaan Indisch Huis

Open brief aan voorzitter klankbordgroep

Indisch Platform is niet verantwoordelijk

Jembatanreactie op Jan de Kleyn

Toespraak Hans Vervoort

BOEKEN:
Tjimahi

Steijlen
Maleo
Gesignaleerd

Gorengan

De slang

Terug naar Tjihapit

Spelletjes

Borrelpraat?

WNI/Reactie

Leuke Tijden

Toespraak Gerda Verburg

Forums Indische Perkaras

Films uit N.O.I.

Sitrep

Adviescommissie
BHO 

IHC nog niet verkocht

juni 2002

FORUM INDISCHE PERKARAS

Breed Historisch Onbenul?

Aziatische
Indo´s?

SWAVING:
Goena

PASAR MALAM
FORUM

IP-LEEK

In memoriam Guus Becker

 

Lodeh

ARCHIEF

Zie de FOTO´s
Hier klikken

Afgang van een feestje

Overzicht uit de kranten

VOC: Wat vieren?

Reacties

Standpunt ambassadeur Abdul Irsan

Symposium
13 april 2002

Trouw interview


KNIL Mythe

Warga-negara:
Het Gebaar

8 maart Forum

Samenwerking
ICC en IH

Poncke Princen Overleden

VIP Interview

Swaving: Maatje Dies

Slavernijmonument

Usman Santi (PvdA)

Kant en klaar

Treffend taalgebruik

Schlechter: Tokeks

British Library

Schumacher: Recensies

Deetman: Boeken

Verslagen bijeenkomsten

AGENDA

Ingezonden

 

IN PDF Format

Het daghet in het Oosten? Het Indisch Huis gaat door!       

'Herinnering, Overdracht, Ontmoeting' voert het Haagse Indisch Huis in haar vaandel. We hebben eerder over die opdracht geschreven en ons afgevraagd of dát het is wat Indische mensen die 'het ooit meemaakten' ervan verwachten? De opdrachtgevers - Minister Borst tot en met het Zeeuwse meisje Sari van Heemskerck - zeker niet, want die hebben geen idee en beschouwen de zaak bovendien met een paar miljoen als afgedaan en piekeren eenvoudig niet over enige inhoudelijke invulling en controle.  

Toch hoort men bij de Indische achterban aanhoudend andere geluiden dan alleen maar instemmende over doel, status en programmering van wat feitelijk 'Hun Huis' zou moeten zijn. In weer­wil dus van wat de pas benoemde directeur Roy Laurens in een eerste vraaggesprek met Archipel beweert op een vraag; 'Er is altijd kritiek en dat hoort ook zo in een gemeenschap met onafhankelijke kritische mensen. Dat is gezond en die vrijheid moeten wij zo houden. In de kennismakingsronde heb ik ernaar geluisterd en zal dit ook blijven doen.' 

Ergens naar luisteren is helaas iets anders dan je iets aantrekken van op- en aanmerkingen uit je eigen publiek. Zoals die over een té elitair en academisch imago, dat sterk randstedelijk bepaald wordt door een handjevol terugkerende namen.  

'We gaan door!'
Dat is het steeds herhaalde antwoord uit de mond van voorzitter, bestuursleden en staf van het Indisch Huis, als je vraagt naar hun wérkelijke doelstellingen in plaats van verwijzen naar een ooit uitgevoerd NIPO onderzoek over de wenselijkheid van de onderneming.
Trouwens, dat is ook een sterke: vragen om de enquête te mogen inzien, stuitten op een steeds herhaalde weigering!  

Daarna kun je informeren waar de werkelijke verantwoordelijkheden berusten en komt het aloude 'Bukan saya' op de proppen, wat hetzelfde is als 'de minister heeft de opdracht en financiële middelen gegeven'. Waarna de preek wordt afgesloten met het slotgebed: 'We gaan door!', of 'Ik wil nog wel zeggen dat er uit andere hoeken naar voren is gebracht dat wij een gevarieerd en interessant programma hebben'.  

Intussen haakt een samenwerkende organisatie (Vrienden van het Indische Boek) af omdat men zich weggedrukt en niet senang voelt binnen het Indisch Huis, of piekert een andere, zoals Serukun, eenvoudig niet over de overstap te maken. Dat daar misschien praktische gronden voor aanwezig zijn, mag wel zo zijn, maar 'n erg sterke indruk van de wil om deze mensen wél binnen te houden/halen, krijgt men niet. Ook niet van de bochten waarin men zich moest wringen om personen uit het Comité van aanbeveling (Lilian Ducelle die haar opzeggingsbrief al geschreven had) binnen boord te houden.  

De suggestie om d.m.v. een eenvoudig enquêtebriefje te peilen hoe de bezoekers - beter ware, de niet-bezoekers - van het Indisch Huis denken over opzet en programma's, werd nooit gehonoreerd. Het is of de tijden van de autistische club van Ruud Boekholt weerom zijn, ook toen 'n volstrekt autocratisch handelen, met het ontbrekende gevoel om verantwoording af te leggen tegenover de eigenlijke doelgroep, die men zegt te willen bedienen. Immers: ‘We gaan door!'.  

Is dit verkokering?
Het antwoord lijkt bevestigend, zeker met betrekking tot de herinneringsfunctie. Uit de parlementaire stukken kan niet anders gelezen worden dan dat het Indisch Huis haar eerste opdracht moet ontlenen aan de ´oorlogsherinneringfunctie', zoals kamp Westerbork, kamp Vught en de Hollandsche Schouwburg. Het was trouwens de bedoeling dat de vestiging dichtbij het Indisch monument zou zijn, wat men van de Javastraat niet kan zeggen. Maar dit terzijde.  

Herinnering wil zeggen een innerlijk proces waarbij men zich dingen herinnert, die te maken hebben met omstandigheden en tijd waarin men ooit leefde. Dat is in ons geval een beperkte opdracht: Indië door dik en dun, goed of slecht, morbide maar ook euforisch! Wie gaat het dan allemaal aan? Gemeten naar het geschatte aantal Indische mensen dat zich voor het Het Gebaar kan aanmelden, ligt het antwoord ongeveer tussen de negentig- en honderdduizend mensen, die over zijn. Geef ze een naam en noem ze bijvoorbeeld oergeneratie (geboren vóór 1930), eerste generatie (geboren tussen 1930-1942) en tweede generatie (1942-1960).

Zij hebben het éérste recht op een warmvoelende herinneringsfunctie! 

De eerste vraag behoort dus te luiden óf wel eens serieus onderzocht is hóe deze generaties staan tegenover de expansiedrang van het Indisch Huis als culturele instelling? Neen, dat is natuurlijk niet onderzocht, maar despereert niet: ‘We gaan door!'. Is het wonder dat we al te vaak vanuit genoemde generaties de klacht horen dat júist de oorlogsherinneringfunctie - dwingend voorgeschreven door de wetgever - niét, of nauwelijks aan bod komt?  

Eigen bangsa eerst?
Herinneringsfunctie betekent ook onderzoek naar verhoudingen tussen groeperingen, vóór de soevereiniteits­overdracht. Zoals er zijn de raciale elementen welke een rol speelden bij de politieke verhoudingen in voor­malig Nederlands Indië. Het is immers choquerend te lezen in juist verschenen publicaties over bijgehouden dagboeken, tijdens de bezetting geschreven, hoe die vaak op vooroordelen gebaseerde opvattingen door­werkten in periodes van zware stress. M.a.w. deze vooroordelen en gevoelens zitten zeer diep.  

Een van de stafleden van het Indisch Huis (Esther Captain) heeft daaraan in haar proefschrift ‘Achter het kawat was Nederland. Indische oorlogservaringen en -herinneringen 1942-1995’ grote aandacht gegeven. Als je de thema's leest over de positionering van de Indo's en het stempel dat ze kregen van de blanke bovenlaag, als verwijfd, homoseksueel, onbetrouwbaar, verraders en slappelingen, krijg je een gevoel van plaatsvervangende schaamte. Dit zijn niet helemaal onbekende kwalificaties, maar ze zouden op zích voldoende stof kunnen opleveren om met series interviews en discussies de programma's van het IH voor een tijd te vullen.  

Of neem de ronduit pijnlijke vertoning rond de zorg voor behoeftige Warga-warga Negaras Indonesia. Wie kennis neemt van de vele reacties op Amerikaanse, Australische maar ook op Nederlandse prikborden, wéét eenvoudig dat dit onderwerp veel mensen van de 'eigen bangsa' in gelukkiger omstandigheden ernstig raakt. Het Indisch Huis had van meet af aan hierin een voor­trekkende en informerende rol kunnen spelen. Zeer zeker nu Lilian Ducelle mede-initiatief­nemer van het Comité Een Eigen Gebaar is. Niets daarvan, we strijken jaarlijks vierhonderdduizend euro op om een prestigieus pand aan de Haagse Javastraat te huren en onze salarissen te betalen, dat is tenminste wat anders dan die kampong in Surabaya:
'We gaan dus door!
'.  

Iets dergelijks geldt voor het initiatief van de Actiegroep Jembatan op geregelde tijden z.g. Indische perkaras aan de orde te stellen. Het blijkt intussen een geslaagd initiatief te zijn: het lijkt of de Indische gemeenschap wel degelijk de discussie aan wenst te gaan, in plaats van in een houding van 'diem saja' af te wachten wat de 'dames en heren van onze organisaties' wensen kwijt te geven over kwesties waar achteraf nóóit meer iets aan te doen valt.  

Een concreet voorstel aan het Indisch Huis om maandelijks in een open geprogrammeerd 'politiek café' soortgelijke Indische perkaras te bespreken, lijdt direct schipbreuk op onwil van het bestuur omdat het teveel zou gaan kosten. Niets daarvan: 'We gaan gewoon door!', zoals blijkt bij het financieel desastreus verlopen Asian4Life weekend waar een voorraad bapao werd inge­kocht, voldoende om een nieuwe Hadrianusmuur, ditmaal door de Indische duinen, te bepleisteren.  

Wat te zeggen over de voor kleine ongesubsidieerde organisaties verpletterende honoraria voor optredende sprekers. Die kosten blijken opeens vijfmaal het bedrag te zijn, waar die organisaties totnogtoe mee te maken hebben gehad. In de eerste plaats als gevolg van ongehoord hoge vergoedingen voor academici die meestal al een goedbetaalde dagtaak hadden bij instituten en universiteit! Waar vaak nog bijkomt de 'marktwaarde' van goedgelezen, dus vrije auteurs, onbetaalbaar zonder subsidie. Zo is het binnenkort wel gedaan met de pluri­formiteit van aanbod.
Ergo: 'We gaan gewoon door!'.
 

Indonesië
Natuurlijk zal niemand willen bestrijden dat aandacht wordt gegeven aan het moederland, Indonesië nú. Het septemberprogramma 2002 van het Indisch Huis staat bol van de programmaonderdelen welke aan dit land zijn gewijd. Deels in samenwerking met het Haagse Korzotheater, omdat theatrale faciliteiten in het Indisch Huis ontbreken, deels met de KITLV in Leiden. Deze nauwe samen­werking wordt gerechtvaardigd doordat de vereiste expertise bij de programmastaf van het Indisch Huis maar zeer beperkt aanwezig is. 

Op goede bedoelingen kun je niets beoordelen, men bekijke daarom de gepubliceerde programma's. Zoals de 'Gamelan Meets Saxophones' manifestatie, waar wezenlijk iets fout zit. Het bijzondere van gamelanmuziek zit 'm niet zozeer in het gebruik van (slag-)instrumenten, want een losse verzameling gestemde koebellen (Mahler) klinkt hetzelfde als de Indonesische variant van gestemde koperen slaginstrumenten, of welk ander etnisch instrumentarium ook. 

Het bijzondere, het eigene zit in de volstrekt afwijkende stemming van de westerse muziek en het gebruik van toonsystemen als slendro en pelog bij de gamelan. Wat dit met vernieu­wing en avant garde van Indonesische muziek te maken heeft, is zeer de vraag. Eigenlijk is men met het propageren van een westers gestemde gamelan opnieuw koloniserend bezig en heeft men blijkbaar geen kennis genomen van muzikale experi­men­ten, die, zoals in Yogya rond Galeri Cemeti en zelfs bij ISI (Institut Seni Indonesia), plaatsvinden.  

Goed, het betreft natuurlijk een gastprogrammering van het Korzotheater, maar je mag dan toch afvragen of dit binnen de doelstellingen van het Indisch Huis hoort. Is het voor het Indisch Huis niet eerder zaak om elementen van Indische muziek, waaronder kroncong, kansen te geven om te overleven en door te geven aan nieuwe generaties? Dat zou kunnen gebeuren door het organise­ren van b.v. workshops met en door Indische musici en componisten. Het is maar een detail. Ramses Shaffy zingt met begeleiding van in gelijkzwevende temperatuur gestemde angklungs: 'Doorgaan, we zullen doorgaan!'.  

Incompetentie?
Dit is een vraag die voortvloeit uit de ongelukkige voorgeschiedenis welke voorafgaat aan het huidige Indisch Huis. Laten we voor het gemak de periode vóór 1990 buiten beschouwing waarin verschillende pogingen worden gedaan om een - met en zonder overheidssteun - Indisch cultureel centrum van de grond te krijgen. Dan valt de directe voorganger (IHC) van het Indisch Huis het meest op door de negatieve berichtgeving. (Men leze de uitgebreide berichten in BLIMBING.)  

Tenslotte loopt de zaak zo uit de hand dat minister Borst, die eerst een financiële aanzet had gegeven voor de koop van Villa Sandhaghe, na een vernietigend accountantsrapport de IHC-subsidiekraan dichtdraait en besluit een nieuwe start te maken. Een van de eerste dingen die daarbij opvalt, is dat de overheid - in een lange reeks besluiten over de hoofden van de Indische belanghebbenden heen - en waarschijnlijk wetend dat de Indische achterban te weinig assertief zou zijn om bezwaar aan te tekenen, gaat uitmaken wat 'goed' is voor de Indische mensen. Het accountantsrapport wordt echter onder de pet gehouden!

Terwijl het parlement instemt met een Indisch Herinneringscentrum (IHC) dat in de eerste plaats een functie zal krijgen als verlengstuk van het Indisch monument, installeert mevrouw Borst een nieuwe organisatie voor het Indisch Huis. Dat verschillende functies van het IHC zal overnemen. Indische achterban gepolst? Nooit van gehoord!

Moeilijkheid vormt de aangekochte villa van het IHC met een momenteel tot tweemansbestuur geslonken leiding dat verkocht zou moeten worden. (Over het gesteggel kan men in BLIMBING lezen en op de website van SBPB.)

Er is door het ministerie van VWS ruim vijf miljoen gulden in het IHC-project gestoken, dat allereerst terug­gegeven moet worden en er is bovendien voor ongeveer vier miljoen al aan vertimmerd. Maar het is zeer de vraag of dat geld ooit terugkomt, de optimistische schattingen van Ruud Boekholt dat het pand elf miljoen zal opbrengen, lijken steeds meer af te kalven. Het accountantsrapport is nu overigens nog steeds geheim! 

Wat doet de Indische gemeenschap?
NIENTE, NADA.  

Nieuw bestuur Indisch Huis (IH)
Wat doe je in een situatie dat een project (IHC) niet van de grond kan komen door onbekwaam­heid van bestuurders? Je creëert een nieuw project en stelt daar wéér een paar miljoen voor beschikbaar. Het gaat elke leek en particuliere huizenbezitter ver boven de pet. Stel je voor, het lukt niet het uit de overwaarde van je eigen huis opgenomen geld fatsoenlijk om te zetten in verbeteringen. Je meldt het aan je bank en die koopt in plaats van in te vorderen een nieuw huis, financiert dat nogmaals en belooft dat de opbrengst van je eerste pand ten goede komt aan het tweede.  

Nooit van gehoord? Waar gebeurd op het ministerie VWS! Informeer eens bij de voorzitter van het IH, die zal zeggen; 'Weet ik niets van, daar bemoei ik mij niet mee, de bank (c.q. de minister) wil dat zo'.  

Wat doet de Indische gemeenschap?
NIENTE, NADA.

Nu kon je alles van het IHC-bestuur (het eerste pand) zeggen, maar de samenstelling ervan berustte in elk geval op een zekere cohesie, namelijk die van het Indisch Platform (IP). Het had zijn moeilijke kanten, zoals o.a. het voorzitterschap van IP en IHC dat in één en dezelfde persoon was vereend. Maar ja, een kniesoor die erop let.  

Bij het IH-bestuur (het tweede pand) moet de minister hebben gedacht: 'Elke representativiteit en/of band met de Indische achterban moet koste wat kost worden vermeden'. En ze kijkt rond op haar eigen departement of nog Indo's in de uitverkoop zitten. Borst boft, er loopt een interim-manager rond van Berenschot, die een goede staat van dienst heeft. D.w.z. kan houthakken binnen de ambtelijke structuur en daarna fluitend zijn jasje aantrekt en naar de volgende afbraakklus vertrekt. Intussen een puinhoop achterlatend van het asielzoekersbeleid in de noordelijke provincies.  

Misschien speelde een labiel korte termijn geheugen daarbij parten, er was eens een generaal Berenschot

- voor velen de eerste Indo op zo'n hoge post in het KNIL - die met zijn vliegtuig neerstortte kort voordat Nederland aan Japan de oorlog verklaarde. Er zijn nog steeds mensen die de mythe koesteren dat als generaal Berenschot was blijven leven, de oorlog tegen Japan zeker een andere wending had genomen.  

Wat doet de Indische gemeenschap?
NIENTE, NADA.

Enfin, de generaal zit er dus en zoekt zijn staf bij elkaar, een moeilijke klus. Het is alsof je een pontonnier inzet voor een marsroute door de zandzee van de Sahara, want hij heeft zich (nog) niet geprofileerd inzake Indische kwesties. Hoeft niets te betekenen, maar….pontons zonder water werken niet!

Daarentegen zijn andere pontonniers wel te vinden. Zoals een plaatsvervangende bevelvoerder, ooit mede­oprichter van de Werkgroep Indisch Netwerk (WIN). In eerste instantie bedoeld voor de beter opgeleide  - minimaal hoger beroepsonderwijs - Indo's, die zo eigen netwerkjes kunnen opzetten van gelijksoortige pontonbouwers in het zand. Kan niet schelen, maar het WIN - waarvoor mensen ooit contributie betaalden en daarop nooit meer iets vernamen - sneeft geruisloos, ofschoon hun website (laatste update twee jaar geleden) nog steeds op het internet staat.

Overigens is generaal Venema – blijkens het register van de Kamer van Koophandel - nog steeds bestuurder van een Pelita stichting, de Stichting Indisch Nederland, ook al zou dat volgens de statuten niet eens kunnen.

 De generaal - ´opdracht=opdracht´ - denkt gewoon ik neem de woorden van Borst letterlijk, vooral geen afstemming op de beoogde achterban, schiet ze af de zeurende tantes met rollators en tinkas, de ouwe zakken, plak hun mond dicht en stel ze op achter de dranghekken, zoals de burgemeester van de Residentie deed.

En daarvoor twee jaar te laat op de vingers wordt getikt!

Burgemeester Wim Deetman krijgt intussen een rondleiding in het IH en hij is ook nog lid van de klankbordgroep van Kamer Twee van Stichting Het Gebaar, die uiteindelijk moet komen tot het formuleren van criteria m.b.t. het uitkeren van de collectieve gelden.

Wat doet de Indische gemeenschap?
NIENTE, NADA.
Het is de vraag wannéér dezelfde Indische gemeenschap voorgoed duidelijk maat dat ze geen prijs stelt op welke fooi en aalmoes dan ook, waarom ze níet heeft gevraagd

Vrienden van het Indisch Huis
In de kleurenfolder van deze stichting, voorzitter is Felix Horstmeier, is sprake van steun aan het Indisch Huis door bijdragen, b.v. donaties. Er bestond al een stichting met dezelfde doelstelling welke steun geeft aan het IHC. Het blijkt dat alleen het bestuur is gewijzigd, zodat het curieuze feit zich voordoet dat donateurs die denken dat hun bijdrage als steun voor het IH binnenkomt, eigenlijk worden belazerd. Hun bijdragen komen strikt genomen ten goede aan het IHC. Aan de andere kant zijn de ´oude´ leden/donateurs niet op de hoogte gesteld van de wijzigingen. Zodat zij hun voor het IHC bedoelde donaties formeel zien verdwijnen in de pot t.b.v. het Indisch Huis. Statutair kan dit absoluut niet!

Statuten voor de vaak?
Bestudering van de statuten van het ´ouwe´ IHC levert trouwens nog meer onregelmatigheden op. De rol van het Indisch Platform is hierbij van wezenlijk belang en zonder haar ondenkbaar bij belangrijke beslissingen. 

  • Statutair is het IHC bestuur verplicht bij elke beslissing het IP te raadplegen;
  • Eén bestuurslid dient aangewezen te zijn door de Stichting 15 augustus 1945;
  • De jaarstukken van het IHC behoren door het Indisch Platform (IP) te worden goedgekeurd;
  • Het IHC bestuur mag geen statuten wijzigen zonder het IP of de Raad van Advies (RvA) te hebben gehoord;
  • De RvA bestaat uit leden van het IP, óf uit door het IHC bestuur voorgedragen vooraanstaande vertegenwoordigers van de Indisch gemeenschap in Nederland;
  • Het IHC bestuur mag de stichting (pas) ontbinden, nadat de RvA en het IP zijn gehoord omtrent de besteding van een mogelijk batig liquidatiesaldo, overeenkomstig de doelstellingen van het IHC.

Met andere woorden, totnogtoe is van deze verplichtingen niets vernomen en is de vraag klemmend waar je statuten voor nodig hebt, als het toch niet vanzelfsprekend is dat ze worden nageleefd? Ook is van essentieel belang wat de rol van het IP is, als ze statutair zó nauw verbonden is aan het reilen en zeilen van het IHC, om van de RvA – waar bestaat die uit? – maar niet te spreken.

De generaal faalt
Wat doe je met een falende generaal? De Duitsers gaven de verliezer van de tankslag bij El Alamein – tegen Montgomery en dat was meer geluk dan wijsheid – nog een kans in het Ardennenoffensief, dat voor hun generaal Rommel bij voorbaat verloren zaak was en hij mocht als sj
iek officier met een pistool een eind aan zijn eigen leven maken. Zover hoeven we niet te gaan, maar hij dient als veldheer van het falend Indisch Huisbeleid wel op te krassen. Niet alleen de uitwerking deugt niet, maar zijn intenties zijn niet de goeie.
Ga maar na:
 

  • Het Indisch Huis is geboren uit een patstelling waar het ministerie VWS niets beters wist te bedenken dan het parachuteren van een interim-generaal;
  • Nog vóórdat het Indisch Huis als lokaliteit door mevrouw Borst was ingewijd, waren er al partijtjes gehouden voor de verzamelde secretarissen- en directeuren-generaal bij verschillende ministeries; dat is zo gebleven o.m. bij vernissages van exposities waar het legioen brogues dragers met driedelig krijtstreep, plus clubdas de verpersoonlijking lijken van de ´gemiddelde´ Indo en Indischman;
  • Recent nog slaat de panglima zich op de borst door het afleveren van deze tekst: ´Ik moet alle bewindslieden kennen, regelmatig met de Secretarissen-Generaal en Directeuren-Generaal bijpraten maar ook met een bepaald, aan mij toegewezen onderdeel van de directies van ondernemingen. Nou ja, je begrijpt dat er met een nieuw kabinet en vele verplaatsingen op allerlei posten voor mij overvolle agenda's onvermijdelijk zijn. In de afgelopen maanden gingen ook nogal wat mensen weg, die ik heel goed kende. Dus ben ik een (op den duur sleetse) receptieloper geweest, heb ik afscheidsdiners achter de rug, waarop ik moest speechen en ga zo maar door.´;
  • Er staat in de vorige regel eigenlijk dat de generaal geen tijd heeft voor Indische zaken, zodat het voor de hand ligt dat ´ie op staande voet wordt ontheven van zijn verantwoor­delijkheden in dezen en zich geheel aan zijn firma en aan de leden van de ‘golfclub der hoog geplaatsten’ kan wijden: dat is zijn persoonlijk belang maar nog meer voor de Indische zaak;
  • Om te voorkomen dat geparachuteerde adjudanten van de generaal door het plegen van een coup ´n vergelijkbare LPF revue zullen opvoeren, is het beter dat zij ook en comité meegaan en zich in de vijver van het Westbroekpark storten. Dat is altijd nog minder radicaal dan destijds de puputan in Klungkung, op Bali.

Dit zijn daarom de vragen die Actiegroep Jembatan graag op 22 oktober a.s. in Kumpulan Bronbeek,  op haar vierde forummiddag over Indische perkaras, aan generaal Venema had willen stellen: 

  1. Wie heeft het besluit genomen om in principe de opbrengst van de IHC-villa, na aftrek van kosten, in haar geheel te bestemmen voor een nieuwe locatie van het IH? Welk principe?
  2. Welke locatie heeft u daarbij op het oog? Is het waar dat een geplande kantoortoren op de plaats van de parkeergarage tussen Koninklijke Bibliotheek en CS een optie vormt? Wat is de betrok­kenheid van Berenschot bij het starten van prestigieuze bouwobjecten?
  3. Is de bruikbaarheid van deze locatie van tevoren onderzocht, gelet de bijzondere wensen en eisen die Indische mensen stellen aan wat ZIJ als Indisch Huis beschouwen, met een open, gezellige en warmvoelende ambiance?
    Kan dat op de achttiende etage?
  4. Wat zijn de doelstellingen die u daarbij voor ogen staan, gaat men uit van wat het IHC nastreefde met gelijktijdige voorzetting van álle - waarvan sommige half afgemaakte, dan wel mislukte - projecten?
  5. Is een van de doelstellingen het onderhouden van (nieuwe) museale activiteiten en is die al getoetst aan die van andere Indisch georiënteerde musea als Nusantara, KIT, Volkenkunde Leeuwarden etc.?
  6. Is het waar dat een deel van de beoogde museale functie, met name de educatie van jongeren, ten koste is gegaan van het subsidie voor het Verzetsmuseum Overloon?
  7. Welke economische plannen in ontwikkeling heeft het IH op het oog m.b.t. de relaties tussen Indonesië en Nederland? Hoort daar de financiering van een film bij?
  8. Welke waarborgen omtrent het raadplegen van de Indische achterban en controle op de uitwerking van uw doelstellingen kunt u geven? M.a.w. hoe denkt u in de toekomst tot een goed, de achterban evenwichtig representerend, bestuur te komen dat in openheid weet te commu­niceren met de Indische achterban?
  9. Is het mogelijk, gelet de implicaties vanuit de vorige vraag, een meer representatieve bestuurs­opbouw te bereiken zónder eenzijdige vertegenwoordiging van één bepaalde beroepsgroep, zoals die van interim- en crisismanagers; bovendien van één generatie?
  10. Is het de bedoeling dat het IH ook een aanvraag gaat indienen bij Kamer 2 van Stichting Het Gebaar en hoe zal zo´n aanvraag worden gestructureerd, zonder dat bestaande activiteiten van andere organi­saties daardoor worden benadeeld, c.q. nieuwe activiteiten worden gestart ten koste van die organisaties? Is het concurrentiebeding i.v.m. gesubsidieerde activiteiten versus niet-gesubsidieerde ook van toepassing op het Indisch Huis?
  11. Hoe komt het dat verschillende voorstellen m.b.t. verbetering van de toegankelijkheid van het IH – o.m. toegezegd bij Jembatan - na een half jaar nog niet zijn uitgevoerd? Zoals verplaatsing van de bushalte, een beveiligde oversteekplaats en extra parkeerplaatsen t.b.v. mindervalide bezoekers?
  12. Welke financiële verplichtingen m.b.t. de dagelijkse exploitatie zijn er aangegaan en hoe worden stroppen - zoals de organisatie van het VeryAsian-weekend t.b.v. de allerjongste derde en vierde generatie – opgevangen, zonder dat dit ten koste gaat van te organiseren activiteiten voor de oudere bezoekers?

De mislukte generaal wil echter niet antwoorden en geeft onder meer de volgende argumenten op de gestelde vragen die als doel hebben onduidelijkheden rondom de communicatie met het Indisch Huis weg te nemen:

 ´Een aantal punten heeft betrekking op de toezegging van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport om de verkoop­opbrengst van de villa Sandhaghe in principe te bestemmen voor de definitieve locatie van de Stichting Het Indisch Huis. Ik ben van oordeel dat U voor nadere bijzonderheden die U over deze toezegging wenst te vernemen, bij het ministerie te rade moet gaan. Het is niet gebruikelijk dat de besluiten van de één door een ander worden toegelicht. Degenen die het besluit genomen hebben, kunnen U het meest adequaat inlichten. Nu het besluit genomen is, vermoed ik vooralsnog niet dat hier veel actie voor Uw actiegroep in besloten ligt. Vele van de overige punten uit Uw lijst beogen een evaluatie van onze opzet en van ons werk sinds de opening, in januari j.l. Wij bereiden zelf een evaluatie voor. We gaan daar nu niet op vooruitlopen. De overige punten uit Uw lijst berusten op misverstanden en geruchten. Vele van die punten zijn nu nog niet aan de orde.’ 

Dat schiet op natuurlijk, want in plaats van te communiceren, zoals zijn broodheer Berenschot pleegt te adverteren, weet de lezer nu nog niet wélke punten dan wel op misverstand en wélke op geruchten berusten. Ook niet wélke punten nog niet aan de orde zijn. Je kunt dus beter je geld niet in zijn bedrijf steken: lees het artikel ´Berenschot en de naaktslakken´ dat verleden jaar in Blimbing verschenen is.

 

Huib Deetman

IN PDF Format

 16-10-2002.v02

Bezoekers-statistieken


LINKS


01.jpg (97035 bytes)
Uit de zak van de Tjelana Monjet


BBC: Indonesian Flashpoints

The Jakarta Post.com

LAYANGAN
12 Indodichters


Sierkan-lezingen


Onze Plek


NIEUW-INDISCH
 Nieuw-Indisch: meer aandacht in de media voor de indische cultuur


Kamus Elektronik Bahasa Indonesia

INDOWEB
community voor indo's op het i-net


Bona Ni Pasogit
Batakse stammen

 

De gedrukte versie van BLIMBING kost Euro 2,50 (o.m. bij Boekhandel Van Stockum in Den Haag)
Een abonnement voor een jaar (zes nummers) kost Euro 15,00, door storting van dit bedrag op gironummer 7786434, t.n.v. Blimbing, 
Westerweg 61, 1815 DD Alkmaar
Tel/fax +31 72 5115499